De noodzaak van contrast

Ups en downs, groot en klein, vermoeid en energiek; allemaal woorden die tegengesteld zijn aan elkaar. Als ik op mijn tuin ben, ervaar ik de weidsheid, het prachtige groen en de stilte als een lust. Maar zodra de energie wegzakt, grijpt het onderhoud aan mijn tuin mij bij de keel, en voel ik de last. Nu er (eindelijk) weer wat regen valt, schiet het zevenblad – dat zo heerlijk wegbleef tijdens de afgelopen droge periode – weer omhoog. De zijpaden moeten vrij worden gemaakt, de gasfles voor mijn kleine tweepitstelletje moet ik vervangen, de wildgroei in mijn vijver moet nodig worden gekortwiekt, appels oprapen, bramen plukken, de grondwaterpomp blijkt niet te passen en moet weer teruggestuurd worden enzovoort. Ik doe mijn tuin weg, denk ik dan. Het wordt mij allemaal teveel. Laat een ander het maar doen.

 

Wanneer ik goed in mijn energie zit, voel ik mij helemaal gelukkig worden als ik mijn tuin oploop. Ja, gaat het dan door mij heen, dit is mijn plek, mijn kleine Eden. Ik zie dan de overweldigende kleuren van de bloemen weer, het wuivende bamboe, de bezige insecten en hoor de vogels. Het is dan goed en ik weet zeker: mijn tuin zal ik nooit wegdoen.  

 

Tegenstellingen zijn mij genoegzaam bekend. Nog niet eens zo lang geleden, toen ik nog middenin mijn laatste burn-out zat, kon ik binnen een uur van het ene uiterste transformeren naar het andere uiterste. Ultiem geluk en diep verdriet konden elkaar in snel tempo afwisselen. Dat is niet alleen voor mijn omgeving vermoeiend, maar vooral voor mijzelf. Hoewel deze pieken en dalen de laatste tijd enigszins stabiliseren, hoort deze wisselvalligheid nu eenmaal bij mij. En dat is goed, zoals uiteraard alles uiteindelijk goed is. Maar, zo realiseer ik mij meer en meer: het is niet alleen goed, het is zelfs noodzakelijk.

 

In zijn Ongewoon gesprek met God beschrijft Neal Donald Walsch het principe van contrast. Kort gezegd komt het erop neer dat wij mensen uitsluitend dingen kunnen ervaren dankzij het bestaan van contrast. Als wij alleen in het licht zouden leven, zouden we dat niet meer als licht ervaren. Wij ervaren het licht als zodanig, omdat we ook het duister kennen. Ik geniet van de verkoeling van een duik in de zee, omdat ik de zinderende warmte van de zoveelste hittegolf heb ervaren.

 

Als mijn stemming zo snel wisselt, trek ik de juiste TAO kaart. Deze vertelt mij dat de natuur zich in alles aanpast dankzij haar aanpassingsvermogen. De TAO heeft het over De wijze die zijn wensen en ideeën over waar hij heengaat los weet te laten. De kracht van De wijze ligt in het zich thuis en op zijn gemak voelen bij de veranderingen van zijn leven. Het is de energie van continu aantrekken en afstoten, waardoor het leven zich ten volste kan uitdrukken. 

 

In het dagelijks leven ervaren wij voortdurend tegenstellingen. Wanneer we in eenvoud willen leven, zonder te willen weten wat luxe inhoudt – of het zelfs afwijzen vanuit onze overtuiging dat materialisme ‘slecht’ is –, ervaren we meer ‘leed’ dan we wensen. Net zoals de dag niet zonder de nacht kan, er geen droogte is zonder water en niets meer mooi kan zijn als er geen lelijkheid bestond. 

 

Hieruit volgt dan weer het principe van non-dualisme: er is geen onderscheid tussen ‘goed’ of ‘slecht’, of ‘mooi’ en ‘lelijk’. De tegenstellingen zijn per definitie complementair aan elkaar. De duisternis heeft zijn eigen schoonheid of waarde, al was het alleen maar omdat het fungeert als tegenpool van het licht. Nu is het punt dat ik dit allemaal niet hoef te weten wanneer ik mij goed voel. Dan lukt het mij om mijn hoofd leeg te maken, zodat ik de volheid van het leven kan ervaren. Maar wanneer de energie het weer eens laat afweten, blijft het bovenstaande theorie. Iets abstracts, waardoor die gapende kloof tussen voelen en weten onoverbrugbaar lijkt. Hoewel… 

 

De gedachte of de herinnering aan de noodzaak van contrast, helpt mij om daardoor toch minder steil de diepte in te donderen. Dat ik daardoor toch iets makkelijker mijn schouders ophaal over dat woekerende onkruid in mijn tuin. 

 

Ik haal mijn neus op als ik na de regen de ‘ozon’ ruik. Die typische geur na een lange periode van droogte. Diep inhaleer ik de lucht door mijn longen en voel de energie van leven door mijn lijf gaan. Mijn tuin lijkt wel herboren na zoveel welverdiend water en ziet er sprankelend uit. Het leven is goed. 

 

Juist door zoveel contrast…

 

 

 

Met dank aan mijn Grote Liefde Ed voor de inspiratie die ik voor dit blog nodig had.

 

Wolken komen mijn leven binnen drijven,
niet langer om regen te dragen of storm te brengen
maar om kleur toe te voegen aan mijn zonsondergang

 

 

Rabindranath Tagore

 

 

 

 

Als het bordje Glimlach

voor de ingang hangt,

is de tuin niet te bezoeken.